|
Dinsdag 12 juni 2007 |
|
Bow Valley PP - Nanton |
|
Een cowboy langs de cowboy trail |
|
404 Km |
Als we wakker worden schijnt de zon, we ontbijten en gaan direct op pad. Vaak doet Marc 's ochtends de foto's bij de tekst van de vorige dag plakken maar we willen de zon niet op ons laten wachten. De foto's komen wel.
Vanaf de camping hebben we een stukje highway waar je 110 km/h mag rijden, dat vindt Marc wel even lekker na al die highways van 60 km per uur. Helaas voor hem verlaten we de highway al weer na 2 kilometer, de camper is net op gang.
We rijden highway 40 op richting Kananaskis Village. Na een paar honderd meter rijden we over een Texas Gate. Een grof wildrooster waardoor alles in de camper weer rammelt. Terwijl ik alles controleer rijden we een bord voorbij waarop Marc in zijn ooghoek iets over 'road closed in winter' op zag staan. Terugrijden, nee joh op de kaart staat ook dat het om een 'wintergate' (winterpoort) gaat. Volgens ons is de winter nu toch wel voorbij.
|
 |
Barrier lake |
De weg is goed te berijden en we hebben constant zicht op hoge bergen en rotsformaties. De bergen zijn niet zo hoog als op de Icefields Parkway maar deze route doet er niet voor onder. Na iedere bocht hebben weer een mooi uitzicht. We rijden langs meren en riviertjes en door de zon ziet alles er prachtig uit.
 |
Ongeveer op de helft van de weg ligt een resort met een waanzinnig mooie golfbaan. We rijden er even op om een kijkje te nemen.
Wanneer we bij het clubhuis aankomen staat er al iemand klaar om onze tassen aan te pakken. We hebben geen tassen en rijden snel door. Wat een sjieke bedoeling hier. Maar wel een hele mooie baan.
|
Kananaskis country golf course |
We rijden op het gemak verder en zien in de verte een paar auto's staan. Zou daar wat te zien zijn? Helaas niet, er staat een wegblokkade. Road Closed ! Op een bord aan de zijkant zien we dat de weg 15 juni open gaat. We zijn dus net een paar dagen te vroeg. We moeten nu de 50 kilometer die we gereden hebben weer terug. Gelukkig is het uitzicht prachtig en doen maar net alsof we hier nog niet eerder geweest zijn.
Op de terugweg zien we drie herten langs de kant van de weg staan. Ze zijn zout aan het sabbelen dat van de weg in de berm is gespoeld. Twee herten schieten schichtig weg maar de derde blijft staan en gaat rustig door.
Er staat nog iemand te fotograferen en Marc maakt een praatje. Deze man heeft gisteren langs deze weg twee grizzly beren gezien. Die staan ook nog op ons lijstje. De laatste kilometers terug naar de snelweg turen we naar de grizzly beren, maar helaas. |
 |
Een van de schichtige herten |
We rijden weer stukje highway richting Calgary, dus weer 110 kilometer per uur. Bij highway 22 verlaten we de grote highway. Highway 22 wordt ook wel Cowboy Trail genoemd. We rijden door heuvelachtig landschap. De GPS geeft aan dat we toch op zo'n 1300 meter hoogte zitten. We rijden lange rechte stukken met hier en daar een grote ranch.
 |
De huizen die bij de ranches staan zijn ook erg groot, zo groot hebben we ze hier in Canada nog niet gezien. In de grote gestrekte velden staan hier en daar kuddes koeien of paarden. Het is inmiddels erg hard gaan waaien en Marc moet flink sturen.
In Black Diamond staan er allemaal oude pandjes langs de weg. Het hele stadje komt zo uit een western film. De naam van het stadje is afkomstig van de kolenmijn, daar omheen is het stadje gebouwd.
|
Kuddes in de weide |
Even verderop komen we dan in Longview aan, hier komt de highway 40 uit, de weg die we al voor een stuk gereden hebben. Vanaf deze kant kan je er 45 kilometer in en dan is de weg ook weer afgesloten. In de weilanden staan nu hier en daar Ja-knikkers. In de gebied zit olie in de grond en dat kun je ook zien aan de grote van de huizen. Het lijkt wel Dallas de tv-serie.
De camping die we in de planning hebben ligt iets verder. We rijden door en komen al snel bij de camping aan. Ook op de camping waait het erg hard en doordat het hier vlak is met lage struiken (het doet Marc aan Dick Turpin denken, een oude serie over een struikrover) kunnen we nergens een beschut plekje vinden. We overleggen en besluiten om toch nog maar even 40 kilometer door te rijden naar Nanton. Dit is het dichtstbijzijnde stadje en daar is een gemeente camping.
De weg wordt weer aan beide kanten omringd door heuvels en velden met koeien. Bij sommige ranches staan nog echt oude rode schuren, een prachtig gezicht. Het doet denken aan het oude wilde westen.
Als we Nanton binnenrijden springen de enorme graansilo's direct in het oog. Vroeger werd hier het graan in de treinen geladen. De trein is nu weg en de graanteelt is vervangen door veeteelt. de silo's staan er nog mooi bij en de kleuren steken af bij de lucht en de wolken. |
 |
Oude schuur |
We stoppen even bij de plaatselijke supermarkt. Hij is niet groot maar de mensen die er boodschappen doen wonen vast ergens op de prairie want er worden echt enorme karren volgeladen. Bij de ingang kan je ook kiezen voor een gewoon karretje of een hele grote met luchtbanden.
 |
Nanton is een oude stadje waar de laatste jaren alle oude panden zijn gerestaureerd. Het hotel en de bank zijn wel de mooiste panden. In veel panden zijn nu kleine winkeltjes gevestigd met snuisterijen en antiek. Het ziet er gezellig uit.
We parkeren de camper op de camping, doen $ 12 in een envelop en lopen terug naar het stadje. We lopen op ons gemak door de straatjes en bekijken de pandjes nu wat beter dan vanuit de camper. |
De silo's springen gelijk in het oog |
De oude school uit 1906 doet nu dienst als Visitor Center maar is gesloten. Gelukkig hadden we al eerder informatie meegnomen over alle plaatsjes in deze regio.
Met een uurtje hebben we alle pandjes wel bekeken en lopen terug richting de camping. We komen langs een eetgelegenheid waar wel heel veel auto's voor de deur staan. Waar het druk is, is het lekker. We kijken buiten even op de kaart.
Het ziet er allemaal lekker uit en ze zullen vast wel iets vegetarisch kunnen maken. Marc besteld de kleinste steak en twijfelt nog even of het niet te weinig zal zijn. Voor mij wordt het gewokte groenten met rijst (zo'n beetje het gezondste deze vakantie).
Als het eten geserveerd wordt zien we direct dat de kleinste steak ook erg groot is. We eten heerlijk en lopen met een volle buik terug naar de camper.
|
 |
Het oude hotel en bankgebouw |
Marc gaat op de camping achter de grond eekhoorns aan en ik geniet met een boekje van de zon.
Een heerlijke dag in een heel ander Canada, wat het uitzicht betreft dan.
